Grappa di Malvasia delle Lipari
http://www.alambiccodisicilia.it/
vrijdag 16 maart 2012
Crocus Miss vain
Aantal bollen: 40
Planttijd: september - december
Diep: 5 cm
Uit elkaar: 3 cm
Bloeitijd: februari - maart
Hoogte: 10 cm
Foto: maart 2012
Verwildering
Zon - Schaduw
Crocus botanisch: Botanische crocussen komen van oorsprong uit Z.W. Azie. Ze bloeien al zeer vroeg vanaf februari-maart in opvallende fraaie kleuren. Zijn uitstekend geschikt om in uw tuin te verwilderen.
Planten: u plant in de periode september t/m december ongeveerd 5 cm diep en 3 cm uit elkaar. Tot aan het planten droog en luchtig bewaren. Deze crocussen zijn geteelde bloembollen. Tip: Laat u ze in de grond dan bloeien ze elk jaar uitbundiger en zijn zeer geschikt voor het planten in perken, rosttuinen en gazons.
dinsdag 13 maart 2012
Planttijd: september - december
Diep: 5 cm
Uit elkaar: 3 cm
Bloeitijd: februari
Hoogte: 10 cm
Foto: februari 2012
Foto: februari 2012
Verwildering
Zon - Schaduw
Galanthus (sneeuwklokjes). Deze bloembollen komen oorspronkelijk uit de regio Joegsalvie, Roemenie, de Oekraine tot
Griekenland en W. Turkije.
Griekenland en W. Turkije.
Samen met de eranthissen zijn de sneeuwklokjes een van de bolgewassen die al in febrari kunnen bloeien.
Ze zijn uitstekend geschikt voor verwildering. Ze vermeerderen zich gemakkelijk. Laat ze in de grond zitten dan bloeien ze elk jaar uitbundige.
Planten: U plant ze in de periode van september t/m december ongeveer 5 cm diep en 3 cm uit elkaar. Liefst in groepjes van 10 a 25 stuks. Tot aan het planten droog en luchtig bewaren. Deze sneeuwklokjes zijn uit het wild afkomstige bloembollen.
Tops: Bloembollen die bestemd zijn voor verwildering kunnen in de grond blijven zitten.
dinsdag 6 maart 2012
Vishnu - Castor rex:
Rex is een van oorsprong Frans konijnenras dat
zich van andere onderscheidt door een kortere beharing. Onderscheiden worden de
Rex (of Grote Red) en de Rexdwerg, beide erkend als ras.
Pels
De Rex valt onder de korthaarrassen. Het
Rexkonijn uit Frankrijk waar het huidige rexkonijn uit stamt is niet de enige
waar de rexmutatie heeft plaats gevonden. Ook bij een Duitse fokker en andere
Franse fokker kwam de mutatie voor. Uit het bewijs dat door dieren uit deze
lijnen onderling te kruisen en deze normaal harige nakomelingen kregen wist men
dat het op zich staande rassen waren.
De pels van de Rexkonijnen onderscheidt zich
van andere rassen doordat de dekharen dezelfde lengte hebben als de wolharen en
de lengte veel korter is en niet langer dan 19 mm bij de grote Rex en 16 mm bij
de Rexdwerg. Bij normaalharige konijnen zijn de nek- en grannenharen langer dan
de wolharen en bepalen deze de lengte van de zichtbare pels. Door de de gelijke
lengte van de haarsoorten lijkt het alsof de vacht geschoren is. De pels voelt
fluweelachtig aan. Het haar staat bijna loodrecht op de huid. De pels is mede
dankzij het zeer rijke onderhaar zeer dicht en volkomen gelijkmatig. Niet
echter de haarlengte maar de zeer dichte inplanting en het zeer rijke onderhaar
geven de doorslag bij de waardebepaling.
Naast de bovengenoemd pels zijn er andere
omschreven mutaties. De Astrex (ook Astrakan-rex en Deutsche Lockenrex) wordt
gekenmerkt door een krullende pels. De Opposum-Rex had haren van 5 cm, die aan
de basis een draaiing had welke aan de top steeds duidelijker werd en bij het
uiteinde in een krulvorm eindigden. Mogelijk dat er een verwantschap is tussen
de angora- en de rexbeharing. De haartoppen waren wit en had een zwarte
tussenkleur. Dit gaf een eigenaardige kleur. Beide van deze bijzonder
Rex-vormen zijn nagenoeg verdwenen.
Rex
De Rex werd in 1927 erkend en als ras
opgenomen in de Nederlandse standaard. De Rex valt onder de middenrassen met
een ideaal gewicht tussen de 3,5 en 3,9 kilogram. Het type is matig gestrekt.
Goed gevuld in voor- en achterhand. De benen zijn kort en stevig. Het ras is
middelhoog gesteld. Een juiste stelling toont de aanwezige rasadel. Door de
kortere beharing komen de contouren scherper tot uiting dan bij
normaalhaarrassen. De kop is krachtig ontwikkeld, met een breed voorhoofd en
een brede snuit. De kaken en wangen zijn sterk ontwikkeld. Het neusbeen is iets
gebogen. De oren zijn stevig van structuur met goed afgeronde oortoppen, goed
behaard en worden V-vormig gedragen. De oorlengte is van 11 - 13 cm, ideaal is
12 cm. Het geheel in harmonie met het lichaam
Erkend in de kleuren: castor, opaal, luchs,
zwart, bruin, blauw, geel, oranje, chinchilla en feh.
Het is bijna zeker dat onze huiskat afstamt van de Afrikaanse Wilde Kat (Felis sylvestris libyca). Ook wordt wel verondersteld dat de Moeraskat (Felis chaus) tot de voorouders gerekend moet worden. De meeste schedels in Egyptische begraafplaatsen lijken echter het meest op de Afrikaanse Wilde Kat. Er zijn er maar een paar van de Moeraskat gevonden. De tabby kat die het meest in Noord-Europa voorkomt, is duidelijker gestreept en donkerder van kleur dan de Afrikaanse wilde kat, en lijkt meer op de Midden europese wilde kat (Europese boskat).
Toen de huiskatten van het Afrikaanse type vanuit Egypte door de Romeinen in Europa werden verspreid, hebben ze zich net zo aan hun nieuwe omgeving kunnen aanpassen als de inheemse wilde kat. De kleur en de tekening van hun vacht veranderde. Ook zullen er wel kruisingen hebben plaatsgevonden tussen beide soorten.
De Afrikaanse wilde kat leeft rond de Middellandse Zee en op de eilanden in die zee. Deze kat wordt ook wel Nubische kat genoemd. Deze kat verspreidde zich ook in het Midden-oosten, Arabië, India en Turkestan (Centraal Azië).
De Europese Boskat bewoont de Noordelijke gebieden.
Uit een vermenging tussen de Afrikaanse Wilde Kat, Europese wilde katten en Arabische wilde katten zijn de nu bekende kattenrassen ontstaan.
Voor de Romeinen waren katten eveneens zeer belangrijk, en zij werden beschouwd als beschermer van hun bezit.
In Azië was de kat al vroeg bekend, vooral in China, Japan en Siam. Ze werden als tempeldieren gebruikt.
In Griekse huizen werden in de oudheid hermelijnen gehouden die de functie van de huiskat vervulden; tot in de negende eeuw van onze jaartelling waren katten niet algemeen verspreid.
Bij de christenen waren katten in de late middeleeuwen niet geliefd, waarschijnlijk omdat ze door hun nachtelijke "concerten" vaak geïdentificeerd werden met de "machten van de duisternis". In de 14e eeuw werden katten, omdat ze in verband werden gebracht met hekserij, in groten getale verbrand en doodgeknuppeld. Ook dienden katten als offer voor de boze geesten, of ze werden levend begraven. Gevolg van deze slachtpartijen was een explosie van het aantal ratten, waardoor waarschijnlijk het optreden van pestepidemieën werd bevorderd.
![]() |
Oswald
Bij de Egyptenaren was de kat het symbool van de vruchtbaarheid in de vorm van de kattengodin Bastet (soms: Bubastet). De kat stond in hoog aanzien en mensen die een kat doodden of mishandelden werden zwaar gestraft. Katten werden bij de Egyptenaren gemummificeerd en bijgezet.
Voor de Romeinen waren katten eveneens zeer belangrijk, en zij werden beschouwd als beschermer van hun bezit.
In Azië was de kat al vroeg bekend, vooral in China, Japan en Siam. Ze werden als tempeldieren gebruikt.
In Griekse huizen werden in de oudheid hermelijnen gehouden die de functie van de huiskat vervulden; tot in de negende eeuw van onze jaartelling waren katten niet algemeen verspreid.
Bij de christenen waren katten in de late middeleeuwen niet geliefd, waarschijnlijk omdat ze door hun nachtelijke "concerten" vaak geïdentificeerd werden met de "machten van de duisternis". In de 14e eeuw werden katten, omdat ze in verband werden gebracht met hekserij, in groten getale verbrand en doodgeknuppeld. Ook dienden katten als offer voor de boze geesten, of ze werden levend begraven. Gevolg van deze slachtpartijen was een explosie van het aantal ratten, waardoor waarschijnlijk het optreden van pestepidemieën werd bevorderd.
Abonneren op:
Posts (Atom)







